Column LCR-voorzitter Gerrit van der Meer: Uitstel

Column LCR-voorzitter Gerrit van der Meer: Uitstel

 

LCR-voorzitter Gerrit van der Meer schrijft maandelijks een column over een actuele gebeurtenis. De LCR, zo stelt hij, windt zich al jaren op over de manier waarop de overheid omgaat met schulden en boetes van burgers. Er zou wetgeving aankomen waarbij het berekenen en beschermen van de beslagvrije voet beter zou worden geregeld. Alleen... de wetgeving zelf is al te ingewikkeld en wordt over een kleine twee jaar pas ingevoerd. Van der Meer wil niet twee jaar lijdzaam toezien hoe schulden zich opstapelen. Er moet wat gebeuren! Lees hier de eerdere columns.

 

Het is de LCR al jaren een doorn in het oog hoe de overheid terugvorderingen en boetes oplegt en incasseert. De brieven met aanmaningen of boetes zijn veelal onbegrijpelijk of zelfs intimiderend. En het gaat vaak mis bij de berekening van de beslagvrije voet. Dit is een bedrag waar schuldeisers niet aan mogen komen, zodat mensen tenminste een heel klein beetje geld overhouden om van te leven. Voor iedereen die – door welke oorzaak dan ook – een schuld (voorlopig) niet kan terugbetalen, is dit recht op de beslagvrije voet wettelijk beschermd. De berekening van de beslagvrije voet is ingewikkeld en er worden regelmatig fouten bij gemaakt. Bovendien leggen verschillende schuldeisers – waaronder  overheden als de Belastingdienst – vaak beslag bij dezelfde persoon, zonder dat ze dit van elkaar weten of met elkaar afstemmen. Hierdoor maken ze het probleem samen nog groter dan het al was.

 

Er is meer mis:

• Administratieve vergissingen worden behandeld als fraude en dus beboet.

• Overheden werken zo langs elkaar heen, dat veel mensen niet eens meer begrijpen waar hun schulden vandaan komen.


• Veel mensen krijgen heel moeilijk toegang tot de schuldhulpverlening, bij voorbeeld omdat ze niet genoeg kunnen aflossen! Dat betekent natuurlijk dat de schulden groter worden en mensen levenslang onder de problemen gebukt gaan.

 

Het kabinet, de Kamer, en bijvoorbeeld ook de gerechtsdeurwaarders zijn het er allemaal over eens dat dit beter kan én moet. De LCR en vele belangenbehartigers hebben dit de laatste jaren in iedere discussie over armoede en schulden aan de orde gesteld. Niet voor niets is er een wetswijziging voorgesteld die de berekening van de beslagvrije voet eenvoudiger maakt en schuldeisers dwingt om met elkaar af te stemmen. Dat geldt ook voor overheidsorganisaties zoals het UWV, het CJIB (van de verkeersboetes) en de Belastingdienst, die veel beter met elkaar moeten samenwerken.

 

Tot zover alles goed, zou je zeggen. Maar dan blijkt de invoering van de nieuwe wet heel ingewikkeld. Kennelijk is het erg moeilijk om iets eenvoudiger te maken. Die wet treedt daarom pas op 1 januari 2021 in werking! De Nationale Ombudsman is er ook boos over. Dat was te zien in een uitzending van KASSA! naar aanleiding van het rapport dat de Nationale Ombudsman op 9 februari had uitgebracht over het beleid van invordering van de overheid. Hij eiste dat het Kabinet meteen maatregelen neemt. Die zijn ook zonder die wetswijziging nu al mogelijk. Je hebt geen wet nodig om met elkaar af te stemmen en al helemaal niet om een persoon die een rekening niet heeft betaald even te bellen. Gewoon even vragen wat er aan de hand is en of je kunt helpen, zoals een zorgverzekeraar nu al doet. Niet omdat het moet van de wetgever, maar omdat het de meest menselijke en ook nog de meest effectieve manier is. Normaal. Doen. Dat was de slogan van de grootste coalitiepartij bij de laatste Kamerverkiezingen. Wat is er normaler dan persoonlijke communicatie en het samen zoeken naar een oplossing?

 

Natuurlijk blijft die wet wel nodig. Sterker nog: hij had nú al ingevoerd moeten zijn. Maar het is niet acceptabel, dat in de komende twee jaar door het uitstel nog meer mensen in de problemen komen omdat ze volledige verstrikt raken in de schulden. Staatssecretaris Van Ark moet nog voor de zomer aan de Nationale Ombudsman gaan uitleggen hoe ze dat gaat voorkomen. Daar willen we haar wel bij helpen! Natuurlijk samen met alle partners in het Samenwerkingsverband Brede Schuldenaanpak dat zij zelf heeft gevormd.

Normaal. Doen!