Column LCR-voorzitter Gerrit van der Meer: Brood en Rozen

Column LCR-voorzitter Gerrit van der Meer: Brood en Rozen

 

Gerrit van der Meer, voorzitter van de Landelijke Cliëntenraad, is de vaste columnist van de LCR-website. In de maand mei, en wel op 13 mei, wordt traditioneel de Ab Harrewijn Prijs uitgereikt. Het was zijn sterfdag in 2002. In de voordracht van Linda Voortman memoreerde ze dat de bijstand ooit was bedoeld om 'Van genade naar recht' te gaan. Dat principe lijkt nu omgekeerd te worden. We lijken terug te gaan naar armenzorg. Maar niet als het aan de winnaar van de prijs ligt. Klik hier voor: eerdere columns.

Op 8 maart 1908 gingen in New York duizenden vrouwelijke textielarbeiders de straat op. Ze protesteerden tegen de slechte werkomstandigheden en pleitten voor gelijke beloning. Ze hadden een poëtisch verwoorde eis: ‘Brood en rozen’. Vanaf die datum is Internationale Vrouwendag ingevoerd. ‘Brood en Rozen’ is naam geworden van de stichting die op 13 mei jl. de Ab Harrewijn Prijs 2018 kreeg overhandigd.

 

Ab Harrewijn overleed op 13 mei 2002.
Ter nagedachtenis aan hem en om zijn gedachtegoed te eren, wordt ieder jaar op zijn sterfdag de prijs uitgereikt. Het is altijd weer mooi om daar bij te zijn. Linda Voortman, Kamerlid voor Groen Links en binnenkort wethouder in Utrecht, legde in haar lezing uit waarom zijn naam nog steeds ’een klinkende naam binnen Groen Links’ is. Hij maakte zich sterk voor mensen die het moeilijk hebben in de samenleving, met name de dak- en thuislozen en mensen die in armoede moeten leven. Dat deed hij als ‘linkse dominee’, als Kamerlid en gewoon als mens. Wat Linda Voortman nog niet wist – totdat ik het haar vertelde - is dat Ab Harrewijn het amendement in de Kamer indiende, waarmee de Landelijke Cliëntenraad een feit werd. De prijs die naar deze bevlogen en gedreven man werd genoemd eert mensen die vanuit hun hart aan de slag gaan om diezelfde mensen die het moeilijk hebben in de samenleving vooruit te helpen.

 

De winnaar van dit jaar, de stichting Brood en Rozen heeft een originele manier gevonden om vrouwen in de bijstand een flinke duw vooruit te geven: bijstandsvrouw date topman. Die ‘date’ moet u niet al te letterlijk nemen.
Een vrouw in de bijstand wordt in contact gebracht met een man ‘aan de top’, zodat ze van elkaar kunnen leren. Zij breidt haar netwerk uit, wat haar enorm kan helpen bij het bereiken van economische zelfstandigheid. Hij leert hoe de wereld van armoede eruit ziet en begrijpt daardoor misschien zaken die eerder heel ver van hem afstonden. En hij kan er ook nog een prima medewerkster bij krijgen, want dat is niet zelden het resultaat van de ‘date’.

 

Ik hoop echt dat Linda Voortman als wethouder in Utrecht de sociale portefeuille krijgt, want haar lezing was mij uit het hart gegrepen. De kern: vertrouwen is een voorwaarde voor goede armoedebestrijding. Bij het voldoen aan die voorwaarde gaan we eerder achter- dan vooruit. Marga Klompé gaf aan haar Bijstandswet in 1965 de ondertitel ‘Van genade naar recht’ mee. De laatste kabinetten lijken dat weer om te draaien: om een bijstandsuitkering te ontvangen, moet je aan allerlei verplichtingen voldoen, onder de dreiging van strenge sancties. Als je je netjes gedraagt en doet wat de ‘draconische bijstandswet’ (woorden van Linda Voortman) van je eist, is de samenleving wel bereid om je een beetje geld te geven. Het lijkt erop dat we teruggaan naar de vernederende armenzorg, zoals die voor 1965 bestond. Om te krijgen waar je recht op hebt moet je, weer in de woorden van Linda Voortman, ‘door de juiste hoepels springen’.

 

Ik kreeg veel terug voor mijn reisje naar Rotterdam: fantastische en gedreven mensen die hun nek uitsteken voor de medemens (zie hier ook de andere genomineerden), een lezing die klonk als een klok en ook nog een prachtig optreden van het vrouwenkoor Davanti uit Aalsmeer.

Ik heb de zondagmiddag zelden beter besteed.